Voorschriften graftekens en grafbeplanting

||Voorschriften graftekens en grafbeplanting
Voorschriften graftekens en grafbeplanting2018-08-20T10:36:19+00:00

Op de begraafplaats “Het Heidepark”van de Stichting Oecumenische Begraafplaats Klarenbeek aan de Landweg 20, 7382 BL te Klarenbeek in de gemeente Voorst. Deze voorschriften behoren tot artikel 29 van het reglement van de begraafplaats voornoemd, vastgesteld d.d. 20 april 2006.

Artikel 1

Bij de beheerder van de begraafplaats is voor iedere belanghebbende ter inzage het indelingsplan van de begraafplaats, verdeeld in vakken. Op dit indelingsplan zijn de vakken met cijfers en letters aangegeven.

Artikel 2

Voordat op een graf een grafteken of een beplanting wordt toegelaten moet aan de beheerder de getekende grafakte worden getoond.

Artikel 3

1.    Op de graven worden toegelaten:
•    grafzerken in de afmetingen hoog 110 cm, breed 100 cm en lang 200 cm.
•    grafzerk voor twee persoonsgraf in de afmeting hoog 110 cm, breed 200cm en lang 200 cm.
•    graftekens en zerken met afwijkende afmetingen  (het ontwerp voor de graftekens en zerken moet tevoren door het bestuur goedgekeurd worden).
2.    Op een urnengraf wordt uitsluitend toegelaten een gedenkplaat met de maximale afmetingen 50 cm breed en 50 cm lang
3.    Op de nissen in de urnenmuur worden uitsluitend de door het bestuur aangebrachte en/of toegestane gedenkplaten toegelaten.
4.    Op de gedenkzuil bij het asverstrooiingsveld worden uitsluitend de door het bestuur voorgeschreven gedenkplaatjes toegelaten.

Artikel 4

Het bestuur kan een afwijkend model en/of materiaal toestaan, mits het ontwerp daarvan tevoren afzonderlijk is goedgekeurd.

Artikel 5

Zerken, graftekens en gedenkplaten moeten worden vervaardigd uit weerbestendig materiaal (hardsteen, graniet, marmer, bijzondere metalen legeringen (b.v. brons of hardhout). Zerk of grafteken kan worden geplaatst op een afzonderlijke sokkel van hetzelfde materiaal, mits de verankering deugdelijk geschiedt met daartoe geëigende materialen.
Artikel 6

Zerken en graftekens moeten worden geplaatst op een doelmatige/doeltreffende en deugdelijke fundering naar oordeel van het bestuur.

Artikel 7

De grafbeplanting mag geen groter oppervlak begroeien dan het graf of de bestemde grafstrook, met een maximale hoogte van 1.20 cm.

Artikel 8
De inscripties, zerken, en graftekens mogen niet storend of grievend zijn voor nabestaanden of
bezoekers.

Artikel 9

Op de begraafplaats worden niet toegelaten:
a.    ijzeren hekken
b.    palen met buizen of kettingen

Artikel 10

Het plaatsen van een firmanaam of enig andere reclame op zerken of graftekens is niet toegestaan.

Artikel 11

De uitvaartverzorgers en de leveranciers van graftekens worden geacht kennis te dragen van het reglement van de begraafplaats. Inclusief deze voorschriften.

Artikel 12

Betreffende de werkzaamheden op de graven bepaald in artikel 6 van het reglement van de begraafplaats:
a.    Het delven of dichten van graven, het openen van een graf en het opdelven van stoffelijke resten en het bijzetten van asbussen geschieden uitsluitend door het personeel van de  begraafplaats of, in opdracht van het bestuur, door derden.
b.    Het bestuur geeft aan hen, die door de rechthebbende zijn belast met de bouw, de aanleg of het onderhoud van de graftekens en/of beplantingen gelegenheid om hun werkzaamheden te verrichten op tijden dat de begraafplaats daarvoor geopend is. Zij volgen hierbij de aanwijzingen van de beheerder.
c.    Geen werkzaamheden mogen worden verricht op zon- of feestdagen en tijdens begravingen en diensten in beide kerken en aula. Op zaterdagen mogen geen werkzaamheden door beroepskrachten worden verricht, in opdracht van rechthebbenden, maar is uitsluitend de grafverzorging door de nabestaanden toegelaten.
d.    Iedere dag dienen gereedschappen, afkomende materialen en hulpmaterialen te worden meegenomen of te worden geplaatst of gestort volgens aanwijzing van de beheerder.

Artikel 13

Voor het plaatsen van zerken en graftekens en het bijzetten van urnen worden door het bestuur geen leges geheven.

Artikel 14

Voor het plaatsen van een zerk of grafteken en voor het bijzetten van een urn dient de rechthebbende- of de leverancier namens de rechthebbende-, schriftelijk op te vragen bij de beheerder de juiste ligging van een graf, met vermelding van de naam van de overledene, de datum van begraving, de naam van de rechthebbende met vermelding van de naam van de leverancier. De grafaanduiding zal door de beheerder schriftelijk of mondeling worden meege-deeld.

Artikel 15

Een zerk of een grafteken dient voor een bijzetting zo spoedig mogelijk na het overlijden doch uiterlijk 48 uur voor de begraving zodanig van het graf te worden verwijderd, dat het graf kan worden gedolven. Funderingsrechten op aanwijzing van de beheerder eveneens te verwijderen. Zerk of grafteken dient van de begraafplaats te worden afgevoerd of tijdelijk te worden opgeslagen op aanwijzing van de beheerder.
Zie verder artikel 32 van het reglement van de begraafplaats.

Artikel 16

Voor werkzaamheden op de graven door beroepskrachten is de begraafplaats geopend op de vijf werkdagen van 8.00 uur tot 17.00 uur.

Artikel 17

Het is niet toegestaan voor werkzaamheden op de graven gedeelten van de beplanting of de groenvoorziening, niet tot het graf behorende, te verwijderen.
Bij vermeende hinder wordt contact opgenomen met beheerder.

Artikel 18

Alleen de wegen en paden, door de beheerder daartoe aangewezen, mogen worden bereden door vervoersmiddelen van ondernemers. De beheerder is bevoegd een vervoermiddel met een naar zijn oordeel te hoge wieldruk of te grote afmeting de toegang tot de begraafplaats te ontzeggen.

Artikel 19

De ondernemers zijn aansprakelijk voor letsel en schade, toegebracht aan personen of zaken op de begraafplaats.

Artikel 20

Personen, belast met werkzaamheden op de graven, dienen minstens 16 jaar oud te zijn en naar oordeel van de beheerder behoorlijk gekleed. Gebruik van radioapparatuur is verboden.

Artikel 21

De ondernemers dienen zorg te dragen voor voldoende eigen personeel voor laden, lossen en transport.
Zij mogen geen rechtstreeks beroep doen op assistentie door het personeel van de begraafplaats. Een verzoek tot het verlenen van hulp in bijzondere omstandigheden dient te worden gericht tot de beheerder.

Aldus vastgesteld in de vergadering van het bestuur d.d. 20 april 2006.